De derde dag

Fons Vandormael
Pasen 2020

Hij liep enthousiast – letterlijk en figuurlijk – richting de woestijn. Hij was nochtans in eerste instantie op weg naar Jeruzalem, de hoofdstad, het centrum waar alle geleerdheid samen zat. Hij had wel eens willen testen wat hij thuis, in zijn dorp, maar ook op de kade van het meer had gehoord, de onzekerheid en wanhoop die het leven van de mensen beheerste, en of ze daar een antwoord hadden op hun verzuchtingen. In of in de buurt van de tempel zou men hem de uitleg kunnen geven op de indringende vragen die hij van thuis had meegebracht. Mannen die uren en uren discussieerden over de levensvragen zouden het toch moeten weten, vermoedde hij.

Maar onderweg was hij afgeleid door mensen die samentroepten rond een prediker, een man die het allemaal had bekeken en met heel veel verbetenheid zijn kritiek op het verdorven systeem uitschreeuwde naar ieder die het wilde horen. Wie dichterbij kwam kon zich alleen maar aansluiten bij zijn oproep om het onrecht en de scheve situaties te herstellen. En dat maakte de man die uit het verre Nazareth kwam nieuwsgierig en hij drumde zich tussen de toehoorders door naar de plek waar die gedreven prediker mensen onderdompelde in het water, waarvan hij zei dat je op die manier je leven kon omkeren. En hij ging mee het water in, met een overtuiging die van zijn gezicht afspatte.

Jeruzalem moest nu maar even wachten. Nu ging het eerst om hemzelf, om wat hij ermee aan moest als hij consequent wilde zijn met de keuze die hij in het water van de Jordaan had gedaan. En hij maakte een boog om Jeruzalem heen en trok de woestijn in. Daar wilde hij zich verdiepen in het oude, maar altijd opnieuw vertelde verhaal van zijn volk. In die woestijn had er zich een wonder voltrokken: een volk dat weggetrokken was uit het slavenland had er geleerd om weer vrij te worden, mens te worden, een gemeenschap te worden van ieder voor allen. Ze hadden er wel veertig jaar voor nodig, want vrijheid wacht nu eenmaal niet om de hoek.

Dat verhaal wilde hij opnieuw beleven, naar de mensen thuis gaan en opnieuw een verhaal van bevrijding op gang trekken. En dus liet hij Jeruzalem weer links liggen en keerde hij terug naar huis om handen en voeten geven aan de woorden van Johannes.

Aanvankelijk liep het niet vlot. Over wat voor magische krachten zou die gewone sterveling wel beschikken om voor die omkering te kunnen zorgen en in mensen weer hoop te te doen groeien in een land dat van de ene in de andere onderdrukking was gesukkeld. Hij hield vol omdat hij vond dat het moest, dat er geen alternatief was. Enkelen voelden zich door hem aangesproken en wilden wel met hem mee op weg gaan, zonder helemaal te beseffen wat dat van hen zou vragen.

Zo trok hij van streek tot streek, genezend, oproepend tot vertrouwen in zichzelf als voorwaarde om bevrijd en bevrijdend te kunnen zijn. Kleine successen boekte hij omdat hij zo enthousiasmerend kon spreken over een nieuw leven, een nieuw samen leven. Tegelijk botste hij op de oude structuren die zich ook in de hoofden van de mensen hadden geïnstalleerd. Ze wilden wel, die kleine mensen, maar durven wegtrekken uit hun situatie was nog wat anders, vooral omdat de tentakels van de macht diep in hun huizen en gedachten doorgedrongen waren. Ze konden nochtans zien hoe sommigen uit de dood opstonden en weer vertrouwen kregen in het leven.

En toen besliste hij om dan toch naar Jeruzalem te trekken, het hart van het geloofsleven, maar tegelijk ook het hart waar alle toekomst in de kiem gesmoord werd. Hij koos voor de confrontatie met de leiders, maar tegelijk gingen zij de confrontatie aan met hem. Hij verloor, zoals al de keren daarvoor keer dat iemand het had geprobeerd. Simpelweg werd er een kruis over hem gemaakt, maar letterlijk ook in al zijn gruwelijkheid. Dood en begraven werd zijn ideaal onderuit gehaald en moet het wachten tot weer iemand, een hele mensengeschiedenis lang, de draad en dat ideaal weer wil oppikken.

De derde dag werd die heilloze geschiedenis opgeschrikt door mensen die zegden: ‘Hij leeft’. De derde dag, niet letterlijk uit te drukken in uren, maar symbolisch verwijzend naar wanneer geen mens er nog in kan geloven, waren er mensen die zegden: ‘Hij leeft! hij zal leven in ons geloof dat hij gelijk heeft, in het ideaal dat telkens opnieuw mensen aanspreekt om dezelfde weg te gaan.’

De derde dag… zeg het eens tegen de mensen die in deze dagen ten onder zijn gegaan in de coronacrisis, zeg het eens tegen de mensen die hun naaste zomaar uit dit leven zien wegvallen. Of toch,.. sommigen hebben het gehoord en spreken woorden van troost, riskeren hun toekomst om zieken nabij te zijn en doen Pasen leven, doen zin ontstaan waar de zinloosheid het wil overnemen. De derde dag… wanneer breekt hij aan? We weten het niet, maar komen zal hij, zolang er maar mensen zijn die er in geloven, en op weg gaan naar hun medemens. Sommigen hebben het al ervaren. Anderen wachten nog … tot iemand op hun weg komt en zegt: ‘sta op, we gaan op pad, met in onze gedachten al diegenen die tevergeefs hebben gewacht.’

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan gaat u akkoord met deze instellingen.

Sluiten