Jongeren hebben recht op degelijke levensbeschouwelijke vorming

01/10/2019
 – Het nieuwe Vlaamse regeerakkoord bevat de volgende tekst: 

“In de derde graad van het secundair onderwijs kan het gemeenschapsonderwijs overschakelen van 2u levensbeschouwing naar 1u levensbeschouwing en 1u interlevensbeschouwelijke dialoog, waarbinnen eveneens (vakoverschrijdende) eindtermen die passen binnen burgerschap worden gerealiseerd. We gaan de dialoog aan met alle betrokkenen om aan leerlingen die kiezen voor een vrijstelling, een zinvolle invulling aan te bieden.”  –  

Het afknagen van het vak godsdienst/levensbeschouwing is vandaag ingezet. Net in een tijd waarin zoveel jongeren (20%) het psychisch zeer zwaar hebben. Het secundair onderwijs wordt meer en meer in de wetenschapsrichtingen gestuurd (denk aan STEM: Science, Technology, Engineering, Mathematics) alsof er nog maar één mantra is: wetenschap. Alsof het wetenschappelijk denken de enige weg naar waarheid is. Waar is het contact met de natuur en de helende werking van de natuur? Waar is de beleving, de ontroering, het geraakt zijn door waarden…? Wetenschap wijst nooit naar zinvolheid? De grote levensvragen kunnen door de wetenschap niet beslecht worden. De detectiemiddelen van de wetenschap beperken zich tot een onderzoek vanuit reductionistisch materialisme. Voor het vinden van levenszin, van het beleven van de ‘joie de vivre’, om waardegevoelig te worden moeten we (met de woorden van Heino Falcke in De Standaard van 17/08/2019) een ander detectiemiddel gebruiken, nl. de mens zelf.

Waar halen de politici het om jongeren het recht op levensbeschouwelijke vorming te ontnemen, alsof al die levensbeschouwingen in het onderwijs enkel maar in een dogmatische of fundamentalistische sfeer onderwezen worden. In plaats van van 2 uur naar 1 uur te gaan, moeten we een omgekeerde reflex aannemen: overgaan naar 3 uur levensbeschouwelijke vorming.

Enkele jaren geleden werden door de erkende instanties in het levensbeschouwelijk onderwijs de interlevensbeschouwelijke competenties ingevoerd (zie: www.levensbeschouwelijkevakken.be/interlevensbeschouwelijke-competenties/). Dat de leerkrachten inspanningen leveren om het interlevensbeschouwelijke samenleven en de interlevensbeschouwelijke dialoog met de leerlingen te stimuleren wordt blijkbaar niet erkend door de onderhandelaars van het nieuwe Vlaamse regeerakkoord. Dat onze samenleving pluralistisch is geworden kan vastgesteld worden, maar niemand (NIEMAND!) leeft in een levensbeschouwelijk neutraal vacuüm: iedereen wordt geconfronteerd met nieuw leven en met de dood, met vreugdevolle momenten en met doodmakende verlammingen en fysiek en psychisch lijden, met liefdevolle relaties en met sociale verkramping, … De STEM-vakken geven daar geen antwoord op. Enkel het menselijk getuigen, het beluisteren van elkaar, de troost in het bij elkaar zijn en het oneens zijn met elkaar, het pogen antwoorden op de grote levensvragen … kan jonge mensen richting doen vinden in wat zij zelf belangrijk vinden om ‘ervoor’ te gaan, aanzet om hun stap naar volwassenheid te zetten. Levensbeschouwingen hebben niet het doel te indoctrineren, of om dé waarheid voor te houden, ze hebben niet het doel om jongeren geborneerd in de wereld te laten staan, maar net omgekeerd: levensbeschouwelijk onderwijs toont dat er geen waarheidsclaims zijn (zelfs in de wetenschap niet). Levensbeschouwelijk onderwijs wil jongeren ertoe aanzetten om kritisch naar hun eigen antwoorden op de levensvragen te kijken, wetend dat die antwoorden steeds ‘voorlopig’ zijn en enkel iets zeggen over de leerling zelf, als persoon die dit of dat antwoord favoriseert.

3 thoughts on “Jongeren hebben recht op degelijke levensbeschouwelijke vorming”

  1. Ooit zei iemand me: ‘Als je niet iets doorleefd hebt, kan je het onmogelijk kennen’. Interlevensbeschouwelijke dialoog veronderstelt (1) een dialoog door (2) mensen die hun levensbeschouwing door en door kennen. Dit zie ik niet zo snel gebeuren op school. Ik vrees dat een leraar een technische uitleg zal geven over meerdere levensbeschouwingen naast elkaar, interessant maar niet relevant. Bedoeling van levensbeschouwelijke vorming zou moeten zijn leerlingen te introduceren in een doorleefde levensbeschouwing zonder dogma’s noch taboes.

    1. De aanpak van de interlevensbeschouwelijke dialoog en het interlevensbeschouwelijk samenleven verschilt van school tot school.

      In gemeenschapsscholen is er een expliciete pluraliteit wat de levensbeschouwingen betreft, waarbij voor elke (erkende) levensbeschouwing een deskundige de leerkracht is. Voor alle andere vakken zitten de leerlingen gemixt. In deze scholen kan men activiteiten opzetten waarin accenten van de levensbeschouwing ‘voelbaar’ zijn. Dat vooral in de lessen levensbeschouwing het interlevensbeschouwelijke naar voren dient te komen hangt dus inderdaad af van de levensbeschouwelijke breeddenkendheid van de leerkracht. Tal van leermiddelen staan ter beschikking: getuigenis door een leerling zelf (bv. een OKAN-leerling), getuigenis door een collega, film en documentaire, extra-murale bezoeken, …

      Voor de scholen aangesloten bij de katholieke koepel lijkt het op het eerste zicht minder gemakkelijk te zijn om interlevensbeschouwelijk te kunnen werken, maar niets is minder waar. In de ‘godsdienst’-lessen zitten alle leerlingen gemixt samen. En daar is in elke klas enorme levensbeschouwelijke diversiteit. Een leerkracht die in de klas 3de graad secundair de leerlingen kan aanzetten tot samenspraak en discussie (soms ad hoc, soms uitdrukkelijk als lesthema) kan het interlevensbeschouwelijke wel degelijk laten plaatsvinden. In die klassen vind je nog weinig katholiek gelovigen, wel een mix van atheïsme, agnosticisme, apatheïsme, humanisme, naturalisme, nihilisme, ecologisme, kapitalisme, sciëntisme, … Maar de leerlingen zijn zich vaak niet bewust welke kijk op het leven ze hebben en welke waarden in hùn (onbewuste) levensvisie centraal (moeten) staan.

      In het onderwijs is geen enkele leerkracht levensbeschouwelijk ‘neutraal’ en is geen enkele leerling levensbeschouwelijk ‘neutraal’. Kritisch met levensbeschouwingen (leren) omgaan is in onze pluralistisch geworden samenleving enorm belangrijk: de leerlingen laten beseffen dat de eigen levensbeschouwing ideologisch gekleurd is en dat dé waarheid rond de grote levensvragen niet bestaat. Ook de wetenschappelijke benadering van de werkelijkheid is ideologisch en staat bol van metaforische taal, illusoire extrapolaties en standpunten die de beleving als onbelangrijk vinden, terwijl net in het openstaan voor beleving vingerwijzingen voor zingeving en ‘joie de vivre’ te vinden zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.